dinsdag, juni 13, 2006

Frustratie

Waarom valt er zo moeilijk met gelovigen te discussiëren? Uiteraard is daar geen eenduidig antwoord op te geven, doch zijn er een paar uistekers.

Gelovigen wijken vaak van het onderwerp af, vooral dan als het wat gevoeliger ligt, toegegeven moet ik stellen dat niet alle gelovigen dit doen, er zijn er een paar hardnekkige, doch zeer veel vervallen steeds in ontwijkende retoriek, waarom blijft voor mij een mysterie. Weten ze het antwoord niet? Willen ze het antwoord misschien niet weten? Weten ze misschien dat ze fout zijn? Het zijn allemaal mogelijke verklaringen. Men gaat er liever niet op in, dan fout te antwoorden. Ik noem ze 'de angstige gelovige', let op dit soort bevat niet diegene die de discussie a priori weigeren - dat moet men dan eerder als de 'bekrompe gelovige' bestempelen - neen, het zijn juist diegene die het luidst roepen dat hun god bestaat, maar voor hun gebrul geen bodem - wat er niet is, kan je niet krijgen - vinden om op te staan.

Als ze voor voldongen feiten staan klappen ze toe, niet dat ze gaan zwijgen, neen hun repliek is zo geformuleerd dat het niet meer over de grond van de discussie gaat maar over de goedheid van hun god, de kindermoordenaar (cf. zondvloed). Ik word daar gewoon gek van. Misschien moeten deze gelovigen maar eerst eens zélf kijken wat hun geloof niet biedt, of beter, niet kan bieden in plaats van altijd te vertrouwen op het woord van hun gemeenschap, want door steeds terug te vallen op die gemeenschap vervallen ze in het onwetend-maar-gelukkig clubje. In een gelijkgezinde groep kan/mag er natuurlijke geen deviatie ontstaan en dus moet je om de gemoederen te bedaren altijd een "vlucht-oplossing" hebben: “de liefde van god” en “zijn ondoorgrondelijke wegen” zijn daar pracht voorbeelden van.

Neen, ze zwijgen niet en dat hoeft ook niet, maar wanneer iemand in zijn ongelijk word aangetoond dan verwacht ik dat men terugvalt op een verdediging. Niet dat men begint met het eindeloos aanhalen van anekdotes die zouden aantonen dat hij wel bestaat, niet het terugvallen in de vlucht-oplossingen en vooral niet het eigen verlies weglachen. Die discussies vervallen vaak in het naast elkaar praten, geen antwoorden, eerder twee monologen geïnspireerd op de ander.

Eigenlijk heb ik daar absoluut geen problemen mee dat mensen in het onweten-maar-gelukkig clubje willen vertoeven. Wat mij vooral stoort is dat men niet alleen denkt de waarheid te bezitten, maar ook gelooft deze waarheid te moeten begeleiden, een arrogantie die vooral de paus bezit. Wie heeft hem het recht gegeven Petrus te vervangen? Wie? God? Die fictie? Kom nu... Ok misschien valt dat nog te justifiëren, de gelovigen willen een leider en de theocraten verkiezen hem, maar wat met heel de katholieke hiërarchie? Er zijn wel 11 treden! Vanboven staat de paus, dan de patriarch, de grootaartsbisschop, de metropoliet-aartsbisschop, de aartsbisschop, de bisschop, de deken, de priester, de diaken, de subdiaken en tenslotte de leek. Dat deze ordening een gevolg is van de groeiende kerk kan ik begrijpen, maar waar men de justificatie haalt om dit volgens christelijke principes te organiseren blijft zoek.

Daarom zeg ik u: "Gelovigen aller lande, verenig u, leer en studeer."

 

"It ain't necessarily things I believe, it's just stuff I think about." (cf. Rodney Carrington)